De hele schepping roept creatie uit maar ziende is men blind (Mat 13:13)

 

 

4. Ethiek

 

 

 

 

 

 

 

 

    4.1 Inleiding

    Mensen zien in dat sommige dingen goed zijn en sommige dingen kwaad. Waarom dit zo is is moeilijk te begrijpen vanuit de natuurwetenschap. Alles bestaat immers slechts uit chemische processen, zo zou een evolutionist zeggen. Een verstandig iemand ziet echter in dat er meer is (denk aan het verschil tussen luchttrillingen en het muziekstuk uit de inleiding). Het bestaan van goed en kwaad is een feit, zo zou zelfs Dawkins onderkennen als hij onredelijk behandeld wordt.

    Wetten van goed en kwaad hebben geen grenzen. In welk land je ook komt, of zelfs als astronaut in de ruimte. De wetten van goed en kwaad bestaan overal.

    4.2 Morele basis

    Sinds het geleidelijke verval van het christendom in het westen heeft onze samenleving geen gedefinieerde, algemeen aanvaarde morele basis meer. Veel mensen gaan nu uit van het Utilitarisme. Dat wil zeggen dat je handelingen tegen elkaar moet afwegen en dat de handeling die het meeste geluk oplevert de beste is.

    Ook het sociale contract is een uitleg voor ons gedrag, het sociale contract is nodig om als groep te overleven. Het zegt echter weinig over de regels tussen verschillende groepen. Zo kan de ene groep de andere uitmoorden als dat voordeel oplevert voor de andere groep.

    De natuurwetenschap zegt niets over het morele leven.” Dawkins erkent zelf overigens dat de wetenschap geen methode heeft om te bepalen wat ethisch is en wat niet. ,,Maar het is duidelijk dat de mensheid wel degelijk morele verplichtingen kent. Als de natuurwetenschap daar niets over zegt, moet je dus concluderen dat er ook kennis bestaat buiten het terrein van de natuurwetenschap.”

    Dawkins verwerpt het bestaan van zoiets als een dwingende moraal. In zijn boek Onze onsterfelijke genen betoogt hij dat alle levende wezens in feite niet meer zijn dan ‘replicatiemachines’ voor genen.

    De gehele Nederlandse wet en de rechtspraak wordt tegenwoordig bijvoorbeeld geheel gebaseerd op de redelijkheid en op wat de meerderheid redelijk vindt. Een klankbord is er echter niet, wat tot gevolg heeft dat de moraal nogal kan veranderen. Zo vindt de meerderheid tegenwoordig dat ongeboren kinderen tot op een bepaald moment vermoord mogen worden. Men noemt de kinderen tot die tijd namelijk nog geen echte mensen.

     

    4.2.1 Utilitarisme

    Het utilitarisme zegt dat je handelingen tegen elkaar moet wegen en dat de handeling die het meeste geluk oplevert de beste is. Dit is, hoe mooi bedacht ook, echter geen goede verklaring. Zo zou je met een leugen vaak een betere uitkomst in een situatie krijgen dan door eerlijk te zijn.

    Ook zou het ongeluk van 1 persoon, die bijvoorbeeld op tv voor gek wordt gezet, niet erg zijn als veel mensen hier plezier aan beleven.

    Utilitarisme is aan de orde van de dag. Maar is dit nu echt de beste manier van leven?

    4.2.2 Kapitalisme

    Het kapitalisme zegt dat je zo goed mogelijk voor jezelf moet zijn. Als je zo goed mogelijk voor jezelf bent zal de maatschappij daarvan profiteren.

    Sinds de economische crisis heeft het kapitalisme steeds minder aanhangers, het is duidelijk dat het egoïsme en de graaicultuur geen lang leven beschoren is.

    4.2.3 Christelijke moraal

    Heb je naaste lief als jezelf, dat is de christelijke moraal. Niet alle christenen leven hiernaar maar de wereld zou er beter uitzien als iedereen dit zou doen. In elk geval betekend dit dat liegen niet meer gebeurd (wat bij de utilitaristen aan de orde van de dag zou zijn). Heb je naaste lief als jezelf lijkt toch de beste oplossing te zijn.

    4.3 Slot

    Als in het hele leven slechts de natuurwetten aan bod komen om het leven te verklaren dan is doelloosheid het resultaat. Alles wordt leeg en doelloos. Het enige doel is om alles voor jezelf uit het leven te halen. Het is dus hoog tijd dat de schepping weer een plaats krijgt in het onderwijs en de media, anders zal de maatschappij verder in verval raken.

    4.3.1 God is er voor alle volken

    De Bijbel is een verzameling boeken die met name betrekking hebben op het Joodse volk. God is echter een God van alle volken:

    • Amos 9: 7: Zijn jullie voor mij soms meer dan de Nubiërs, Israël? – spreekt de HEER. Ik heb jullie uit Egypte weggeleid, maar ook de Filistijnen uit Kreta en de Arameeërs uit Kir.
    • Maleachi 1:11: Van waar de zon opgaat tot waar ze ondergaat staat mijn naam bij alle volken in aanzien, overal brengt men mij reukoffers en reine offergaven. Mijn naam staat bij alle volken in aanzien – zegt de HEER van de hemelse machten 
    • Jona is een boek waarin God het berouw van een hele heidense stad accepteert.
    • Jesaja 45:1-3 geeft aan dat God ook de koning van Perzië gekozen heeft. In Perzië had men het Zoroastrianisme als religie, men aanbid ook één God maar gaf hem een andere naam: Ahura Mazda.
    • Dit zegt de HEER tegen Cyrus, zijn gezalfde, die hij bij de rechterhand neemt, aan wie hij volken onderwerpt, voor wie hij koningen ontwapent, voor wie hij deuren opent – geen poort blijft gesloten: Ik zal voor je uit gaan, ik zal ringmuren slechten, bronzen deuren verbrijzelen, ijzeren grendels stukbreken. Ik zal je verborgen schatten schenken, diep weggeborgen rijkdommen. Dan zul je weten dat ik de HEER ben, de God van Israël, die jou bij je naam roept.

 

God is de God van alle volken. Israël is echter het priesterlijke volk dat ook extra geboden/leefregels kreeg. Andere volken hoeven zich slechts te houden aan de Noachitische geboden:

  1. - Gebod om rechtvaardigheid te betrachten, rechtbanken in te stellen en in stand te houden om de volgende verboden te kunnen handhaven.
  2. - Verbod om de Schepper te vervloeken of Zijn Naam te gebruiken of om (iets van) het geschapene te vervloeken.
  3. - Verbod op afgoderij (schepselen dienen of aanbidden).
  4. - Verbod om te doden.
  5. - Verbod op onzedelijkheid zoals incest.
  6. - Verbod om te stelen of iemand te ontvoeren.
  7. - Verbod op het eten van het vlees van een nog levend dier.

 

De Noachitische geboden komen weer terug in het Nieuwe Testament waar de Apostelen nog eens opsommen waar men zich aan moet houden

    • De verontreinigingen van de afgoden (dat wat 
    aan de afgoden werd geofferd);
    • De hoererij (iedere vorm van seksuele 
    gemeenschap buiten het huwelijk);
    • Het verstikte (dieren die niet waren 
    leeggebloed);
    • Het eten van bloed.

     

    4.3.2 God is rechtvaardig

    God is rechtvaardig in zijn oordeel, ook als we God niet kennen zal hij rechtvaardig oordelen:

    (Rom 2:14-15) Wanneer namelijk heidenen, die de wet niet hebben, de wet van nature naleven, dan zijn ze zichzelf tot wet, ook al hebben ze hem niet. Ze bewijzen door hun daden dat wat de wet eist in hun hart geschreven staat; en hun geweten bevestigt dit, omdat ze zichzelf met hun gedachten beschuldigen of vrijpleiten. 

    (Rom 2:10): Iedereen die het goede doet wacht glorie, eer en vrede, de Joden in de eerste plaats, maar ook de andere volken. 

     

    4.3.3 God is geduldig en wil iedereen redden

    Het doel van Jezus is om de zondige mensen te redden voor Gods rechtvaardige oordeel.

    (1 Tim 2:4-7): Dat is goed en welgevallig in de ogen van God, onze redder, 4 die wil dat alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen.  Want er is maar één God, en maar één bemiddelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus, die zichzelf gegeven heeft als losgeld voor allen, als het getuigenis voor de vastgestelde tijd. 

    Hand 10:34-35: Daarop nam Petrus het woord en zei: Nu begrijp ik pas goed dat God geen onderscheid maakt tussen mensen, maar dat hij zich het lot aantrekt van iedereen, uit welk volk dan ook, die ontzag voor hem heeft en rechtvaardig handelt.

    Sommige mensen willen een verklaring voor alles, maar vragen dit bij de evolutietheorie niet. Men wil niet geloven omdat het bestaan van God ook verantwoordelijkheid met zich meebrengt. De afkeer van het geloof door vele mensen is in de bijbel al voorspeld, de wetteloze mens zal komen voordat de dag van de Heer zal aanbreken. 2 Tess 2:3. 

    De hele schepping roept creatie uit maar ziende is men blind (Mat 13:13).

    Samengevat:

  1. Goed en kwaad bestaan
  2. Goed en kwaad zijn niet begrenst aan landengrenzen
  3. De evolutionaire verklaringen van moraal geven ruimte voor liegen en moord
  4. Heb je naaste lief als jezelf is de beste moraal