Dateringsmethoden aan de tand gevoeld

 

 

De geboorte van de aarde

 

 

  1. idee
  2. 1 De leeftijd van de aarde is gebaseerd op dateringen van stenen daarbij gebruik makend van dateringsmethoden die gebruik maken van radioactief verval van isotopen.
  3. 2 Bij het gebruik maken van deze dateringsmethoden moeten enkele aannames worden gemaakt.
  4. 3 De dateringsmethode werkt vergelijkbaar als een zandloper. Om te weten hoe lang deze al omgedraaid is moet je diverse feiten weten, zoals de hoeveelheid zand in het begin. Bij de dateringsmethoden maakt men aannames/schattingen over deze condities.
  5. 4 Bij wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat de halfwaardetijd, ofwel de snelheid waarmee het zand in de zandloper gaat, beïnvloed kan worden.
  6. 5 De dateringsmethoden zijn zeer onbetrouwbaar.

 

2.1 Waar is de leeftijd van de aarde op gebaseerd?

4,5 miljard jaar geleden was volgens evolutionisten de geboorte van de aarde1. De aarde van toen was anders dan de huidige aarde. Na ongeveer 500 miljoen jaar ontstonden de eerste atmosfeer, oceanen en continenten. In de atmosfeer zaten stoffen als koolstofdioxide, stikstof, methaan en ammonia. 

De leeftijd van de aarde is gebaseerd op dateringsmethoden die gebruikmaken van het verval van radioactieve isotopen in gesteenten. Het op deze manier oudst gedateerde gesteente zou 4.03 miljard jaar oud zijn. 


2.2 Dateringsmethoden gebaseerd op radioactief verval van isotopen

2.2.1 Aannames bij de dateringsmethoden

idee

Indien de mens de halfwaardetijd terug kan brengen van 42 miljard jaar naar slechts 33 jaar, welke invloed kunnen andere factoren zoals rampen dan al hebben op de halfwaardetijd?

Bij deze dateringsmethoden maakt men aannames waarvan zeer onzeker is dat ze kloppen.

 

ZandloperOm met behulp van een op radioactieve isotopen gebaseerde dateringsmethode de ouderdom van iets vast te stellen moeten een aantal aannames worden gedaan:

    - Er is een constante en over de tijd lineair verlopende halfwaardetijd van radioactieve isotopen.
  1. - In het begin was 0% van de stof waarin het isotoop vervalt aanwezig, ofwel de begincondities zijn exact bekend.
  2. - Of er uitwisseling van atomen van het gesteente met de omgeving is geweest is bekend.

 

Indien deze aannames niet met de werkelijkheid overeenkomen klopt de vastgestelde ouderdom van het gesteente en daarmee de leeftijd van de aarde niet. Overigens weet men nog niet eens waarom het ene deeltje wel vervalt op een bepaald moment en waarom het andere deeltje pas veel later. Bescheidenheid is hier dus op zijn plaats als we een dergelijke dateringsmethode willen gebruiken.

VOORBEELD

Je kunt het model van de dateringsmethoden vergelijken met een zandloper. Als je op een bepaald moment naar een zandloper kijkt weet je niet hoe lang deze al "loopt" zonder de volgende aannames te maken:

  1. - Is er zand uit de zandloper gehaald of er bij in gedaan? (Vergelijk 3 bij de radioactieve isotopen)
  2. - Was er al zand op de bodem voordat de zandloper omgedraaid werd? (Vergelijk 2 bij de radioactieve isotopen)
  3. - Is het zand altijd op een constante snelheid gevallen? (Vergelijk 1 bij de radioactieve isotopen)

 

De eerste aanname die men bij de radioactieve dateringsmethoden gebruikt blijkt al niet te kloppen, zo bewijst Kerr in zijn artikel "Tweaking the Clock of Radioactive Decay", welke is gepubliceerd in het tijdschrift Science. Kerr wist door het verwijderen van de electronen van het isotoop rhenium-187 de halfwaardetijd terug te brengen van 42 miljard jaar naar slechts 33 jaar!

 

Nog enkele voorbeelden waarbij de halfwaardetijd drastisch afneemt: bij verhitting naar 15,4 miljard graad Kelvin veranderen de volgende halfwaardetijden als volgt:

Uranium-238 4,5 miljard jaar naar 2,08 minuten
Thorium-232 14 miljard jaar naar 15,6 minuten
Samarium-147 106 miljard jaar naar 1,56 minuten
Rubidium-87 47 miljard jaar naar 2,46 minuten
Kalium-40 1,2 miljard jaar naar 5,87 minuten

 

 

2.2.2 Betrouwbaarheid

Een dateringsmethode moet consistent zijn om betrouwbare informatie over de ouderdom te kunnen geven. Een aantal voorbeelden is hier opgesomd:

  1. -De door de dateringsmethode gegeven ouderdom van een gesteente dan wel fossiel moet elke keer hetzelfde zijn met een minimale afwijking hierin.
  2. -Van gesteenten waarvan we de ouderdom weten moet de dateringsmethode deze ouderdom bevestigen.
  3. -Van een fossiel van een dinosaurus moet de dateringsmethode van alle botten van deze dinosaurus dezelfde ouderdom geven.
  4. -De verschillende dateringsmethoden gebaseerd op het verval van isotopen zouden dezelfde ouderdom voor hetzelfde gesteente dan wel fossiel moeten geven.

 

Zoals we in het vorige hoofdstuk konden zien wordt de correctheid van de Big Bang theorie in de wetenschap niet ter discussie gesteld. Zo is het ook met de leeftijd van de aarde. Er zijn echter vele aanwijzingen dat het radioactieve verval niet over miljoenen jaren constant is verlopen en dat de aarde en de vele aardlagen dus helemaal niet zo oud zijn. (Overigens is het nog altijd een groot vraagteken waarom bijvoorbeeld het ene radium-226 deeltje op een bepaalt moment vervalt terwijl het andere deeltje nog duizenden jaren hetzelfde blijft).

 

 

2.2.3 De C-14 dateringsmethode

Een heel bekende dateringsmethode is de C-14 dateringsmethode. De C-14 dateringsmethode werkt als volgt: in de atmosfeer zitten C-12 deeltjes. Onder invloed van straling uit de ruimte wordt een deel hiervan omgezet in C-14 deeltjes. Deze C-14 deeltjes zijn instabiel en vervallen. De C-12 deeltjes zijn stabiel. De C-14 deeltjes krijgen dieren gedurende hun leven binnen en in het lichaam zitten deze in dezelfde ratio als in de atmosfeer. Zodra het dier sterft vervalt de C-14 en verandert de ratio van C-14 / C-12. Door deze ratio in een fossiel te bestuderen kan men de leeftijd van het fossiel bepalen. Hierbij gaat men uit van de in paragraaf 2.1.1 genoemde aannames.

De C-14 dateringsmethode is eigenlijk een "vriend" van iedereen die niet in de miljoenen en miljarden jaren geloofd. C-14 is een isotoop met een vastgestelde halfwaardetijd van 5736 jaar. Na 50.000 jaar is C14 door het radioactieve verval ervan niet meer in een voorwerp terug te vinden. C-14 is echter in vele zogenaamde miljoenen en miljarden jaren oude gesteenten en fossielen gevonden!

We weten gezien de gigantische hoeveelheid fossiele brandstoffen dat er vroeger meer koolstof in de atmosfeer zat. Bovendien was het magnetische veld vroeger sterker dan nu waardoor straling uit de ruimte gereflecteerd wordt en er minder C-14 gemaakt werd. De ratio C-14 / C-12 was vroeger dus anders dan nu. Op basis hiervan worden tegenwoordig te oude leeftijden aan fossielen en gesteenten gegeven met de C-14 dateringsmethode, alles is jonger dan men denkt!

Nog enkele voorbeelden die vraagtekens zetten bij de ouderdom van de aarde:

  1. C-14 gevonden in onder andere dinosaurusfossielen bevestigt dat dinosaurussen niet honderden miljoenen jaren oud zijn. C-14 heeft een halfwaardetijd van 5736 jaar en kan na 50.000 jaar niet mee gedetecteerd worden.
  2. C-14 is ook gevonden in diverse steenkoollagen uit de zogenaamde diverse geologische tijdperken van miljoenen jaren geleden. 
  3. C-14 is gevonden in diamanten. Diamanten worden echter aangenomen als zijne miljoenen tot miljarden jaren oud.

 

De C-14 dateringsmethode ondergraaft andere dateringsmethoden die beweren dat de aarde miljoenen jaren oud is. Het vinden van C-14 in vele als miljoenen en miljarden jaren bestempelde oude gesteenten en fossielen bewijst dat deze niet oud zijn!

2.3 De dateringsmethoden kritisch onderzocht

idee

Op basis van de dateringsmethoden worden o.a. zeer oude leeftijden geven voor gesteenten die in werkelijkheid zeer recent zijn.

Kritisch onderzoek wijst uit dat de dateringsmethoden onbetrouwbaar zijn.

Voor wat betreft de C-14 methode hebben we al gezien dat de miljarden en miljoenen jaren die aan de ouderdom van fossielen en gesteenten worden toegeschreven niet kloppen. In het boek Thousands.. not Billions wordt een vergelijking gemaakt van de diverse dateringsmethoden. Men heeft de dateringsmethoden toegepast op diverse gesteenten. Men heeft ook gesteente gedateerd waarvan de historische leeftijd bekend is. Het gaat om gesteente van een recente vulkaanuitbarsting in Nieuw Zeeland.

Onderstaande tabel is de weergave van de resultaten van diverse ouderdomsmetingen van gesteenten gebruikmakend van verschillende dateringsmethoden gebaseerd op radioactief verval van isotopen. In de derde kolom staat de veronderstelde leeftijd gebaseerd op basis van historische gegevens voor de eerste 2 en gebaseerd op de literatuur voor de laatste 3. In de laatste 4 kolommen zijn de ouderdommen weergegeven volgens diverse dateringsmethoden gebaseerd op radioactief verval van isotopen.

Rock unit Location Conventional age RATE Age Results (millions of years)
K-Ar Rb-Sr Sm-Nd Pb-Pb
Mt.Ngauruhoe Andesite New Zealand Historic 1949, 1954, 1975 - 133+/-87(7) 197+/-160(5) 3,908+/-390(7)
Uinkaret Plateau Basalt Western Grand Canyon, Az <1.16+/-0.18 - 1,143+/-220(7) 916+/-570(6) -
Somerset Dam Gabbro Queensland, Australia 216+/-4 174+/-81(15) 393+/-170(14) 259+/-76(13) 1,425+/- 1,000
Cardenas Basalt Eastern Grand Canyon, Az 1,103+/-66 516+/-30(14) 892+/-82(22) 1,588+/-170(8) 1,385+/-950(4)
Bass Rapids Diabase Sill Grand Canyon, AZ 1,070+/-30 841,5+/-164 1,007+/-79(7) 1,330+/-360(9) 1,250+/-130(11)

(bron: Thousands.. not Billions door Dr. Don DeYoung)

Laten we nog eens nagaan waar een consistente en betrouwbare dateringsmethode minimaal aan moet voldoen:

  1. - De door de dateringsmethode gegeven ouderdom van een gesteente dan wel fossiel moet elke keer hetzelfde zijn met een minimale afwijking hierin.
  2. - Van gesteenten waarvan we de ouderdom weten moet de dateringsmethode deze ouderdom bevestigen.
  3. - Van een fossiel van een dinosaurus moet de dateringsmethode van alle botten van deze dinosaurus dezelfde ouderdom geven.
  4. - De verschillende dateringsmethoden gebaseerd op het verval van isotopen zouden dezelfde ouderdom voor hetzelfde gesteente dan wel fossiel moeten geven.

De resultaten zoals in de tabel hierboven beschreven laten duidelijk zien dat de dateringsmethoden zeer oude leeftijden geven voor gesteenten die in werkelijkheid zeer recent zijn. Hiermee is voorwaarde nummer 2 niet nagekomen. Voorwaarde 1 wordt ook niet nagekomen aangezien de afwijking bij één van de metingen wel 1 miljard jaar is! (zie rood aangegeven in de tabel). Voorwaarde 4 wordt niet nagekomen aangezien de diverse dateringsmethoden zeer diverse ouderdommen voor gesteenten geven.

De betrouwbaarheid van dateringstechnieken over lange periodes is zeer twijfelachtig en daarmee is de veronderstelling dat de aarde 4 miljard jaar oud zou zijn zeer twijfelachtig. Kloppen alle aannames die men moet maken bij deze dateringsmethoden wel? Is het verval wel altijd lineair geweest? En weet men de exacte begincondities? 

 

Notes:
1: Zie onder andere http://nl.wikipedia.org/wiki/Aarde_(planeet)
2: Deze paragraaf is grotendeels geïnspireerd door het boek "Thousands not Billions".